|
Complex » Historie bestuur zwembad de Schaeck
“Klanten en medewerkers moeten zich hier veilig voelen”
In 1968 is zwembad De Schaeck gebouwd. Jarenlang was het alleen een groot buitenbad, tot eind jaren tachtig duidelijk werd dat er groot onderhoud nodig was. Dat was het begin van lange discussies. “Toen, ongeveer in 1989, is het idee voor het binnenbad ontstaan”, zegt Joop van der Tol, voormalig voorzitter van het bestuur van Zwembad De Schaeck in Twello. “Het heeft bijna drie jaar geduurd voor besloten werd om het te bouwen. In september 1992 is het geopend.” De gemeente, eigenaar van De Schaeck, verzocht het bestuur om het zwembad te gaan exploiteren. Joop van der Tol was op dat moment al bestuurslid bij De Schaeck en zou dat tot in 2011 blijven. In die tijd heeft hij veel ontwikkelingen meegemaakt.
Het zwembad gaan exploiteren betekende een ommezwaai, want daarvoor was kennis en ervaring nodig die nog niet aanwezig was. De Schaeck sloot zich daarom aan bij Sportfondsen Nederland, dat in het hele land zwembaden had, en kreeg ondersteuning door de aanstelling van een interimmanager. “Hans Bleijenberg kwam voor een jaar. Dat was een plezierige vent. In de loop van dat jaar trok hij zich steeds meer terug en kon Lugo Schoonman zich inwerken als bedrijfsleider.” Die functie vervult Lugo Schoonman nog steeds.
Een binnenbad
"Het CDA kwam met het idee om een binnenbad te bouwen", vertelt Joop van der Tol. "Dan zou het buitenbad afgebroken moeten worden." Een binnenbad was geen probleem, maar het buitenbad laten verdwijnen, daar voelde het bestuur niet veel voor. Na drie jaar overleggen werd besloten een binnenbad te bouwen en het buitenbad te verkleinen. Het bad moest aangepast worden aan de eisen van de nieuwe tijd, wat onder andere betekende dat er een tweemaal zo grote pomp moest komen. Door het bad te verkleinen hoefde de pomp, die nog prima werk deed, niet vervangen te worden. Het bad werd aangepast aan de capaciteit van de pomp in plaats van omgekeerd. Er werd groot onderhoud gepleegd en De Schaeck werd voortaan een combinatie van binnen- en buitenbad. Daardoor kan er met mooi weer door meer mensen gezwommen worden, want ook het binnenbad is dan populair. "Verbazend hoeveel mensen er op een mooie zomerdag nog binnen zwemmen", vindt Lugo Schoonman.
Het binnenbad werd gebouwd voor 130.000 tot 160.000 bezoekers per jaar, maar in het eerste jaar werd dat aantal al ruimschoots overtroffen en kwamen er 220.000 zwemmers. “Water was er wel genoeg”, aldus Joop van der Tol, “maar er was niet voldoende kleedruimte.” Dus moest er al snel weer uitgebreid worden: twee kleedkamers extra en vanwege de toename van het aantal personeelsleden werd ook de kantoorruimte vergroot. Bovendien kwamen er kluisjes waar badgasten hun waardevolle spullen en kleding in konden opbergen.
Nog maar een paar jaar later ontstond de behoefte om het binnenbad uit te breiden met een extra bassin, het doelgroepenbad. Ook werd er een serre aangebouwd en kwam er een klein peuterbadje bij. Ondanks al deze uitbreidingen en het grote bezoekersaantal mag één aspect nooit in het gedrang komen. “We willen dat de mensen, zowel bezoekers als medewerkers, zich hier veilig voelen”, aldus Joop van der Tol.
Forse bezuiniging
Kort voor zijn afscheid als voorzitter kwam Joop van der Tol nog voor een grote taak te staan. De gemeente, die noodgedwongen bezuinigingen moet doorvoeren, besloot de subsidie voor het zwembad vrijwel te halveren. Daarmee stond het bestuur voor de opgave om te proberen via andere wegen inkomsten te krijgen en de kosten te drukken. Belangrijk bij het nemen van dit soort beslissingen is dat het bestuur voldoende kennis in huis heeft om oplossingen te bedenken. “Daar zorgen we ook voor”, vindt Joop van der Tol. “Zo hebben we Jaap Bakker in het bestuur gehad. Hij had bij zwembadbouwer Van de Belt gewerkt. Theo Achterberg heeft hem opgevolgd. Ook die komt uit de bouwwereld, maar dan van Essent, en heeft dus verstand van energie.” Voor een groot deel van de extra lasten door het halveren van de subsidie is al een oplossing gevonden. Nu wil De Schaeck nog proberen een slag te maken door meer energie te besparen. Er zijn al zonnepanelen in gebruik om de buitendouches te verwarmen.
Energie is naast personeelskosten de grootste kostenpost van een zwembad. Het is dus goud waard om iemand in de gelederen te hebben die verstand heeft van energiebesparing. “En je moet goede financiële mensen hebben, plus goed management en goed personeel”, weet Van der Tol. “En een goede, tactische voorzitter”, vult Lugo Schoonman aan. Dat klinkt bijna als grap, maar het is ernst. De voorzitter brengt immers vele uren door in overleg met diverse betrokkenen en vooral met de gemeente, die ondanks de bezuiniging belangrijk is voor de inkomsten en die natuurlijk nog steeds eigenaar is. Joop van der Tol: “Alle aspecten van leiderschap komen aan de orde. Je moet proberen je zin door te drijven, maar toch sociaal blijven. Na de aanleg van de nieuwe kleedkamers waren er avonden waarop mensen niet binnen wilden komen vanwege de drukte. Er moest dus een nieuw bad bijkomen. Na drie jaar soebatten kwam dat er, het nieuwe doelgroepenbad.” Dat bewijst tevens dat Van der Tol over een ijzeren doorzettingsvermogen beschikt.
Aanvankelijk kwam de voorzitter van het bestuur uit de gelederen van de gemeente”, vertelt Joop van der Tol. “Karel Spekreijse heeft er hard aan meegewerkt dat het binnenbad er kwam, maar hij en zijn opvolger Schulp hadden toch last van een dubbele pet.” De belangen van de gemeente stroken niet altijd met die van het bestuur van het zwembad. Daarom werd besloten het bestuur los te koppelen van de gemeente. Maar de gemeente bleef wel eigenaar en moest dus door het bestuur geïnformeerd worden. “We zijn daarom altijd heel transparant geweest naar de gemeente toe. De administratie is zo geautomatiseerd dat de gemeente binnen een dag antwoord kan krijgen op alle vragen”, aldus Joop van der Tol.
Sociale functie
Het zwembad heeft niet alleen een sportieve, maar ook een sociale functie. “Na afloop worden de zaken in het dorp even besproken bij een kopje koffie.” Daarom is het belangrijk dat er een horeca-gelegenheid is. Lugo Schoonman: “Je moet daarbij keurig aan de horeca-eisen voldoen. Het is goed dat het bestuur heeft besloten de horeca niet uit te besteden. Dan houd je grip op de kwaliteit; je kunt direct actie ondernemen als er iets niet in orde is. Bovendien kun je er dan voor kiezen om de horeca open te houden op een minder rendabele avond. Dat zou een zelfstandige exploitant zich niet kunnen veroorloven.”
Inmiddels heeft Joop van der Tol de hamer neergelegd voor zijn opvolger. “Je moet weten wanneer je moet stoppen. Ik ben inmiddels 75, dat is een goed moment”, vindt Van der Tol. Hij is al vanaf het begin betrokken geweest bij De Schaeck, - “Ik maakte in 1971 al als bestuurslid de zwemlesroosters”- waarvan de laatste jaren als bestuursvoorzitter. Dan zal de liefde voor de zwemsport wel diep zitten. “Integendeel”, lacht Van der Tol. “Ik ga veel liever tennissen!”
|